EU-Mercosur nog geen gelopen race
Na meer dan een kwart eeuw onderhandelingen hebben de Europese Unie en vier leden van het Zuid-Amerikaanse handelsblok Mercosur – Argentinië, Brazilië, Paraguay en Uruguay – begin 2026 eindelijk een vrijhandelsakkoord ondertekend.
Een akkoord op papier, een strijd in de praktijk
De langverwachte politieke doorbraak heeft de belangstelling onder exporteurs nieuw leven ingeblazen, maar daarmee is nog niet alle onzekerheid verdwenen. Juridische obstakels, politieke weerstand en zorgen over duurzaamheid betekenen dat de inwerkingtreding van het akkoord nog steeds allerminst gegarandeerd is.
Deze update van ons artikel van februari 2025 legt uit waar het akkoord nu staat, waarom de uitvoering zo moeilijk blijkt, en wat Nederlandse bedrijven in de komende periode kunnen verwachten. In een tijd van geopolitieke fragmentatie en verstoringen in toeleveringsketens wordt de relatie tussen de EU en Mercosur strategisch steeds belangrijker. Er liggen aanzienlijke kansen voor Nederlandse exporteurs die bereid zijn vroeg te handelen.
Akkoord eindelijk ondertekend, maar nog niet alle obstakels uit de weg
De EU en Mercosur hebben op 17 januari 2026 hun historische handelsakkoord ondertekend in Asunción, Paraguay. Het akkoord gaat nu de zeer complexe fase van ratificatie in. Voor volledige ratificatie is goedkeuring nodig van elke EU‑lidstaat en alle Mercosur‑landen, een proces dat waarschijnlijk jaren zal duren.
De belangrijkste bron van onzekerheid ligt bij de politieke verdeeldheid binnen de EU. Sommige lidstaten, met name Spanje en Duitsland, zien het akkoord als een strategische impuls voor industriële export en toegang tot kritieke grondstoffen. Nederland steunt het akkoord inmiddels ook, na het opnemen van sterkere duurzaamheidswaarborgen, aangescherpte afspraken over ontbossing en duidelijkere handhavingsmechanismen. Andere lidstaten, zoals Frankrijk en Polen, blijven terughoudend. Zij vrezen oneerlijke concurrentie voor boeren, zwakke handhaving van duurzaamheidsbepalingen en het risico op toenemende ontbossing. Deze verdeeldheid maakt unanieme goedkeuring van het volledige handelsakkoord op korte termijn onwaarschijnlijk.
Daarnaast zijn delen van het akkoord nu door het Europees Parlement voorgelegd aan het Europees Hof van Justitie (EHJ) ter toetsing aan Europese verdragen. Dit kan wel anderhalf tot twee jaar duren, waardoor er een risico bestaat dat het akkoord opnieuw op losse schroeven komt te staan, mochten er juridische onvolkomenheden zijn.
Handelstoegang mogelijk vóór volledige ratificatie
De Europese Commissie kan ervoor kiezen om het akkoord op te splitsen. Dit zou de handel al eerder mogelijk maken. Als het parlement zijn goedkeuring geeft, zou de EU kunnen kiezen voor voorlopige toepassing van een interim‑handelsakkoord dat uitsluitend de goederenhandel omvat, terwijl de bredere politieke en samenwerkingshoofdstukken een veel langer ratificatieproces doorlopen.
Zodra het Europees Parlement de handelspijler heeft goedgekeurd, vereist voorlopige toepassing slechts ratificatie door één EU-lidstaat of Mercosur-land, in plaats van unanimiteit. Dat betekent dat het handelsdeel van het akkoord in werking kan treden lang voordat het totale verdrag is geratificeerd. Hoewel het akkoord kwetsbaar blijft voor juridische toetsing, bestaat er een precedent voor deze aanpak, zoals bij het CETA-handelsverdrag dat met Canada is gesloten. De handelspijler van CETA is sinds 2017 van kracht, maar het hoofdstuk over investeringsbescherming moet nog steeds door 10 EU‑lidstaten worden aangenomen.
Voor exporteurs zou de handelspijler op zichzelf al directe en tastbare effecten hebben. Tarieven op ongeveer 91% van de goederen die tussen de EU en Mercosur worden verhandeld, zouden geleidelijk worden afgeschaft, douaneprocedures zouden eenvoudiger worden en technische normen beter op elkaar worden afgestemd. Europese bedrijven zouden betere toegang krijgen tot overheidsaanbestedingen in Mercosur‑landen, terwijl geografische aanduidingen zoals Goudse kaas beter beschermd zouden worden. In de praktijk zou handel sneller, goedkoper en voorspelbaarder worden.
Mercosur kan een sleutelpartner worden in de energietransitie
Vanuit economisch perspectief past het EU–Mercosur‑akkoord naadloos binnen de bredere strategische prioriteiten van Europa. Een van de belangrijkste daarvan is diversificatie weg van China. De EU heeft dringend behoefte aan alternatieve bronnen van kritieke grondstoffen, met name voor de energietransitie. Mercosur‑landen zijn goed gepositioneerd om dit gat te vullen. Argentinië beschikt over grote lithiumvoorraden die essentieel zijn voor batterijen, terwijl Brazilië rijk is aan grafiet, mangaan, nikkel, bauxiet en zeldzame aardmetalen. Lagere exportbelastingen en duidelijkere investeringsregels zouden de Europese toeleveringsketens aanzienlijk kunnen versterken.
Ook energiezekerheid is een belangrijke drijfveer. De EU vermindert actief haar afhankelijkheid van Rusland en breidt de samenwerking uit met landen als Brazilië en Argentinië, die beide groeiende olie‑ en gasproducenten zijn en een aanzienlijk potentieel hebben voor groene waterstof. Dit maakt Mercosur een aantrekkelijke langetermijnpartner.
Voor Nederland is de uitgangspositie al sterk. Ongeveer 26% van alle Mercosur‑exporten naar de EU komt via Nederlandse havens binnen, wat de rol van Nederland als belangrijk logistiek knooppunt benadrukt. De Nederlandse export naar Mercosur is in de afgelopen jaren twee tot drie keer sneller gegroeid dan de totale Nederlandse export. Met name de export naar Paraguay en Uruguay is bijzonder sterk gegroeid. Machines, voertuigen en hoogwaardige industriële producten domineren de Nederlandse export naar de regio. Dit zijn tevens sectoren die het meest profiteren van lagere tarieven en eenvoudiger markttoegang.
Risico’s en politieke gevoeligheden blijven bestaan
Het akkoord is niet zonder controverse. Europese boeren blijven bezorgd over concurrentie van Mercosur‑producenten die opereren onder minder strenge milieu‑ en dierenwelzijnsnormen. Om deze zorgen te adresseren bevat het akkoord quota voor gevoelige producten zoals rundvlees, pluimvee, suiker en bepaalde zuivelproducten. Ook worden strikte EU‑importnormen gehandhaafd.
Duurzaamheid is het meest politiek beladen thema. Het Amazonegebied blijft centraal staan in het debat, en het uiteindelijke akkoord bevat bindende verplichtingen op het gebied van klimaat en ontbossing. Vanaf eind 2025 moeten producten zoals soja, rundvlees, palmolie, cacao, koffie en rubber die in de EU worden verkocht, ontbossingsvrij zijn. Een bron van zorg blijft of de Mercosur‑regeringen wel in staat zijn om deze regels effectief te handhaven.
De macro‑economische voordelen zullen op korte termijn naar verwachting bescheiden zijn. De waarde van het akkoord ligt minder in de directe bbp‑impact en meer in het strategische signaal: een hernieuwde inzet van beide blokken voor op regels gebaseerde handel en langdurige samenwerking. Maar voor het akkoord – of delen daarvan – kan worden geïmplementeerd moet eerst een oplossing worden gevonden voor de impasse waarin het proces nu zit. We houden jullie op de hoogte.
Greetje Frankena - Senior Economist
Dana Bodnar - Senior Economist