Een Klacht indienen bij Atradius DSB: wat is er vernieuwd?
Atradius DSB heeft onlangs de klachtenprocedure vernieuwd. Daarmee willen we het voor belanghebbenden, mensen die bij projecten betrokken zijn en andere betrokken partijen duidelijker en makkelijker maken om een klacht in te dienen. Een klacht kan gaan over wat Atradius DSB doet of juist nalaat, over onze dienstverlening of over onze besluiten. Ook klachten over de gevolgen voor mens en milieu van projecten die we ondersteunen, vallen onder de procedure.
Iedereen die direct of indirect te maken krijgt met de gevolgen van onze activiteiten of van een project dat we ondersteunen, kan een klacht indienen. Dat kan voor uzelf, namens een groep of via iemand die u daarvoor toestemming geeft. U kunt ook anoniem een klacht indienen. Dat kan het wel lastiger maken om de klacht te onderzoeken en u over de uitkomst te informeren. Daarnaast kunt u vragen om uw identiteit en de informatie die u deelt vertrouwelijk te behandelen.
Beschrijf bij het indienen van uw klacht duidelijk wat het probleem is en welke schade of gevolgen er eventueel zijn. Vermeld ook om welk project het gaat en wat u al heeft gedaan om het probleem ter plaatse op te lossen. U kunt uw klacht in het Nederlands of Engels indienen: per e-mail via complaints.dsb@atradius.com of per post aan de Klachtenmanager van Atradius DSB. Binnen twee werkdagen ontvangt u een ontvangstbevestiging.
We bekijken eerst of uw klacht aan de voorwaarden voldoet om deze in behandeling te nemen. Daarna kan Atradius DSB kiezen voor bemiddeling om samen tot een oplossing te komen, of voor een onderzoek naar de naleving van beleid en verplichtingen (een compliance-audit). Het kan ook zijn dat we vaststellen dat verdere actie niet mogelijk is. Bent u niet tevreden met de uitkomst? Dan kunt u uw klacht voorleggen aan het ministerie van Financiën.
Wilt u meer weten over de procedure, de voorwaarden en de vervolgstappen? Lees dan de richtlijnen voor het klachtenmechanisme van Atradius DSB.
Eenvoudigere projectclassificatie
Ook de classificatie van projecten is vereenvoudigd. Waar het eerdere beleid vijf beoordelingscategorieën kende, wordt bij uitgebreide beoordelingen voortaan gewerkt met de drie internationaal gangbare categorieën A, B en C.
Categorie A betreft projecten met potentieel grote en mogelijk onomkeerbare milieu- en sociale effecten. Bij categorie B zijn de potentiële effecten substantieel, maar doorgaans beperkter en beter te mitigeren. Categorie C is bedoeld voor projecten met weinig of geen nadelige milieu- en sociale effecten.
Daarmee sluit de classificatie directer aan op de OESO Common Approaches en de internationale praktijk. De risicocategorie bepaalt vervolgens welke informatie nodig is, hoe diepgaand de beoordeling wordt uitgevoerd en in welke mate bijvoorbeeld publicatie, projectbezoeken of monitoring nodig zijn.
Duidelijkere rol voor banken
Een belangrijke praktische wijziging betreft gefinancierde transacties. In het nieuwe beleid is duidelijker vastgelegd wat van een bank wordt verwacht in het due diligence proces en, waar van toepassing, het monitoringsproces.
De bank heeft een centrale rol in het organiseren van het E&S-proces en de communicatie tussen de betrokken partijen. Dat kan onder meer betrekking hebben op het verzamelen van informatie, het bewaken van de planning, het aanstellen van een onafhankelijke Environmental and Social Consultant, het organiseren van gezamenlijke site visits en het opstellen van een Environmental and Social Action Plan (ESAP).
Ook tijdens de looptijd van een financiering wordt die rol nadrukkelijker. De bank ziet toe op de uitvoering van overeengekomen maatregelen en deelt relevante monitoringinformatie met de betrokken partijen. Daarmee wordt de verdeling van verantwoordelijkheden gedurende het gehele traject – van due diligence tot monitoring – inzichtelijker.
Meer aandacht voor mensenrechten en dierenwelzijn
Parallel aan het algemene milieu- en sociaal beleid zijn ook de beleidsverklaringen Mensenrechten en Dierenwelzijn vernieuwd.
Mensenrechten zijn integraal onderdeel van iedere milieu- en sociale beoordeling. Bij iedere aanvraag wordt gekeken naar mogelijk project gerelateerd mensenrechtenrisico’s. Een verhoogd risico kan aanleiding zijn voor een uitgebreide beoordeling, waarbij ook risico’s in de relevante toeleveringsketen worden betrokken. De vernieuwde verklaring besteedt daarnaast nadrukkelijk aandacht aan stakeholder engagement, de inzet van invloed om risico’s te mitigeren en herstel wanneer negatieve effecten zich daadwerkelijk voordoen.
Voor sectoren waarin dieren een rol spelen, verduidelijkt de beleidsverklaring Dierenwelzijn het toetsingskader. Internationale normen van onder andere de World Organisation for Animal Health en de vijf vrijheden vormen daarbij belangrijke uitgangspunten. Verder zijn er expliciete criteria vastgelegd waaronder geen exportkredietverzekering wordt verstrekt.
Wat betekent dit voor exporteurs en financiers?
Voor exporteurs en financiers betekent het vernieuwde beleid vooral dat milieu- en sociale aandachtspunten vroegtijdig en gericht in beeld moeten worden gebracht. Bij projecten met beperkte risico’s kan de beoordeling proportioneel blijven. Naarmate de potentiële effecten groter worden, neemt ook de informatiebehoefte en de intensiteit van de due diligence en monitoring toe.
Daarmee is het beleid niet alleen geactualiseerd, maar ook praktischer georganiseerd: meer aandacht waar de risico’s het grootst zijn, een duidelijker internationaal herkenbare classificatie en helderdere verantwoordelijkheden tussen de partijen die bij een project betrokken zijn.
Het geactualiseerde milieu- en sociaal beleid en de bijbehorende beleidsverklaringen Mensenrechten en Dierenwelzijn zijn te vinden op de website van Atradius DSB via deze link.
Mandy van Leeuwen-Kop - Senior ESG & Sustainability Due Diligence Specialist